Interviews

 

Het is echt een uitdaging om iedereen aan het leren te krijgen
Lesgeven bleek veel leuker te zijn dan ik dacht
Kleine opmerkingen kunnen een grote impact hebben in het leven van leerlingen
Als je van betekenis kan zijn, ga je elke dag met een voldaan gevoel naar huis

“De dynamiek binnen het onderwijs trekt mij. Je werkt met mensen en dat betekent dat het altijd anders is.” Lizanne van Stuijvenberg (23) volgt de lerarenopleiding Duits bij Driestar hogeschool.  “Ik kan niet wachten om aan de slag te gaan.”

“Momenteel werk ik als managementassistente op een basisschool. Na mijn sprintopleiding directiesecretaresse ben ik hier gaan werken. Daarnaast zit ik in het tweede jaar van de lerarenopleiding Duits. 

Duits vind ik een mooie taal en ik wilde hier graag iets mee doen maar alleen vertaalwerk vond ik te eenzijdig. Ik kwam al snel uit op het onderwijs omdat ik die combinatie met een sociaal beroep zo mooi vindt.

Vormen van visie en mening

Als leerkracht kan je de les naar eigen inzicht sturen, maar uiteraard hebben de leerlingen ook bepaalde invloed. Juist die interactie en de dynamiek die dit met zich meebrengt interesseert mij.  Je hebt met jongvolwassenen te maken die volop in ontwikkeling zijn. Als docent kun je ze begeleiden in het vormen van een visie en een mening. Dat vind ik ontzettend mooi om te doen.

Lerarenopleiding Duits

Naast mijn werk als managementassistente studeer ik in deeltijd aan Driestar hogeschool. Elke donderdagavond volg ik met een groep de colleges. We zijn in de klas met negen studenten en daardoor is er veel interactie tussen de studenten en docenten, dat is prettig! Daarnaast ben je tijdens de colleges en stage heel actief bezig met de ontwikkeling van je eigen vaardigheden.

Sinds kort loop ik stage op het Driestar College in Lekkerkerk. Het is een kleine school waar iedereen elkaar kent. Het leukst aan mijn stage vind ik dat je veel dingen ziet die je vanuit de theorie herkent. Dat is leuk tijdens observaties en nog leuker als je zelf voor de klas staat. Stagelopen is echt een eigen leerproces, je leert om het zelf te doen!

Lesgeven is voor mij een ontzettend mooie, spannende en uitdagende sprong in het diepe. Je moet voor de klas sterk in je schoenen staan. Ik weet niet of dat altijd gaat lukken. Maar door mijn ervaring in de stageklas gaat het inmiddels wel kriebelen om zelf aan de slag te gaan. Ik kan niet wachten!

Een christelijke leerkracht

Het christelijk onderwijs is een prachtige plek: ik mag mijn leerlingen op God wijzen en Zijn Woord in mijn lessen betrekken, zodat ik hen ook op dat gebied kan vormen. 

Als leraar ben je niet alleen docent van je vak, je bent ook een identificatiefiguur. Het is vooral belangrijk dat de relatie tussen de leerlingen en mij goed is. Pas als je goed contact hebt met de leerlingen, kun je echt aan vormig werken."

 

Leraar zijn, dat moet je in je hebben, vindt Harry Blaak. Maar het is ook een vak dat je kunt leren. Daarom verkocht hij na 17 jaar zijn bedrijf en studeert hij voor docent economie aan Driestar hogeschool. “Die jonge gasten verder helpen, dat is mijn missie.”

Switch maken
“Ik ben 44 jaar, op m’n 42e heb ik mijn bedrijf verkocht. Switchen na tien, vijftien jaar is iets wat iedereen moet doen. Wanneer je aan veertigers die al lang bij hetzelfde bedrijf werken vraagt of ze iets anders zouden willen doen, denk ik dat de meesten bevestigend zullen antwoorden. Ik leidde een bedrijf dat tuinmaterialen verkocht aan hoveniers. Op mijn 19e begonnen en doorgegroeid van verkoper naar bedrijfsleider. Na zoveel jaar kom je bijna niet meer los van je bedrijf en de omgeving waar je in zit, en toch werd me die kans geboden. Iemand benaderde mij omdat hij mijn bedrijf wilde kopen. Toen ik de gedachte van switchen naar het onderwijs de ruimte gaf, liep ik twee dagen stuiterend van de adrenaline rond, zoveel energie kreeg ik van het idee.

Leraar worden
Eerlijk gezegd denk ik: je hebt het of je hebt het niet. Een klik kunnen maken met jongeren is een vereiste voor goed leraarschap. Ik heb in het verleden al Daniëlkampen geleid en wist dat ik dat in me had. Oprecht een band met ze opbouwen levert op dat ze naar je luisteren en je respecteren. “Nee joh, dat doe je toch niet? Leraar is het meest gehate beroep!”, was de eerste reactie van mijn eigen tieners. Ik heb die angst niet. Als je basis goed is met jongeren ben ik ervan overtuigd dat je altijd weer verder kunt. Ook als er conflicten zijn of de groep heel dynamisch is.

Het vak
Handel was mijn vak in mijn beroep als bedrijfsleider. De donderdagavondcolleges over het vak economie vliegen dan ook voorbij. Inkoop, verkoop, marges berekenen; het ligt heel dichtbij mijn werk twee jaar geleden. Ook in de klas helpt deze ervaring: een bedrijf gehad hebben in de praktijk maakt het anders. Een winstgevend bedrijf dat verlies gaat draaien tijdens de crisis is voor mij geen casus; ik heb het gevoeld. En leerlingen vinden het natuurlijk wel stoer, na de les komen ze even vragen hoe ik dat vroeger deed.

Gids en metgezel
Een deel moet je in je hebben, maar daarnaast helpt je opleiding je. Op dinsdagavond zijn de colleges van het didactische programma. Nu heb ik bijvoorbeeld een les gehad over lichaamstaal. Als je leraar boos kijkt, voel jij je waarschijnlijk onprettig. Klinkt logisch, maar als ik een video terug zie van mijn eigen les, zie ik opeens dat ik geen handige lichaamstaal heb aan het einde van de les. Ik keek geïrriteerd, waardoor de groep niet goed reageerde.

Een ander voorbeeld is bijvoorbeeld dat ik nogal ad-rem ben, ik zet iemand snel op z’n plek. Je kunt zeggen: dat is handig bij jongeren. Maar ik heb gemerkt dat je daardoor ook de relatie met de leerling kunt verstoren. Een leuke, bijdehante meid in mijn klas heb ik al met een simpele opmerking al twee keer op haar plek gezet. Ik merk dat ze dat vervelend vindt. Wat is je rol als leraar? Daar helpen de docenten op de opleiding je echt wel bij. We noemen dit Gids en metgezel zijn: als Gids leid je ze, maar je bent ook een metgezel die naast ze staat.

Voorleven
Driestar hogeschool staat bekend als kwalitatief sterke hogeschool. Ik vind het belangrijk om daarnaast ook mezelf de spiegel voor te houden als christelijke leraar. Vorige maand schreef ik een essay over het meesterdialoog. Dit gaat over zaken als: waar ben je zeker over en waar twijfel je over, hoe kun jij hoe je leeft rijmen met je christen zijn? Economie is een vak waar je makkelijk je identiteit bij kunt betrekken, maar dit moet je alleen doen als ergens van overtuigd bent en hen met een boodschap wilt bereiken. Tieners prikken er doorheen als je het doet om je lesje christelijk te maken. “Dat gaat er niet in, Blaak,” zouden mijn leerlingen dan zeggen. Die oprechtheid vraagt om zelfonderzoek. Als je niet over je eigen christen-zijn wilt nadenken moet je hier niet komen studeren.

Dynamiek in je klas
Op mijn stage op Revius blijft elke periode interessant. Voor de kerstvakantie ging het super, daarna even niet meer. Er komt ruimte, je moet de touwtjes aantrekken om betrokkenheid te creëren. Die dynamiek vind ik fantastisch. In mijn vmbo-3 klas zit een aantal jongens. Als zij voelen dat je ze te pakken hebt, dan luisteren ze. Of dat ook zo blijft als je al een aantal jaar voor de klas staat? Dat zullen we zien…”

“Lesgeven is een vak,” zegt Petra Hooglander. “En dat kun je leren. Als je bereid bent aan jezelf te werken.” Petra werkt 25 jaar in het voortgezet onderwijs als docent Nederlands en is schoolopleider voor duale studenten van de lerarenopleiding.

“Duale studenten worden voor een deel door mij op het Driestar College opgeleid,” vertelt Petra. “Naast hun vakstudie bij Driestar hogeschool natuurlijk. Bijna het hele pedagogisch-didactische deel van hun studie krijgen ze echter bij ons in de praktijk. Ik ben daarom ook opgeleid als schoolopleider en krijg daar regelmatig bijscholing voor.”

Leuk werk, studenten opleiden in de school? “Ik vind het prachtig om te doen! Het is echt maatwerk: ieder brengt zijn eigen kwaliteiten mee en ik begeleid iedere student in zijn of haar eigen leerproces. In het persoonlijke contact kunnen we de theorie dan ook direct koppelen aan de ervaring voor de klas. Soms vraag ik het ook expliciet: Hoe ga je dit morgen toepassen? Als aankomend docent doe je veel op je intuïtie en je levenservaring. Denk aan gesprekken met leerlingen. Zo’n vaardigheid kun je verder funderen en slijpen met behulp van de stof die we in de opleiding behandelen. Je leert bewustere keuzes te maken uit een steeds groter handelingsrepertoire. Zo kun je een eigen stijl ontwikkelen die bij je past.”

“Studenten komen heel gemotiveerd binnen, maar lesgeven kan in het begin behoorlijk lastig zijn. Toch hoef je dan niet bij de pakken neer te gaan zitten: ook in je eerste jaar kun je steeds weer opnieuw beginnen. Ik ben ervan overtuigd dat je door proberen en repareren steeds verder kunt komen. Tenminste, als je daar zelf open voor staat. In het duale traject heb je daar overigens genoeg ruimte voor: binnen de school bouw je stapsgewijs op en ga je steeds meer lesgeven en zelfstandig werken. Pas na twee jaar kun je eigen klassen krijgen en combineer je de studie met een deeltijdbaan op school.”

Maar lesgeven moet toch ook wel een beetje ‘in je zitten’? Wat zijn eigenlijk voorwaarden voor een goede leraar? “Van jongeren houden, genieten van leerlingen, dat staat absoluut op nummer één,” zegt Petra beslist. “Als je dat niet ‘hebt’, zul je je waarschijnlijk niet echt ontwikkelen tot een goede docent. Er zijn maar weinig leerlingen die naar school komen met als doel de sfeer te verpesten. Jouw gedrag bepaalt voor een groot deel het samenspel met de klas. Verder moet je natuurlijk wel van je vak houden en het een uitdaging vinden om de leerlingen daarin mee te nemen. En als derde vind ik het belangrijk dat je ervoor open staat om aan jezelf te werken. Niet alle lessen gaan vanzelf: je moet bereid zijn om eerlijk te reflecteren op jouw rol, je te laten bijsturen en te leren van je ervaringen.”

“Door mijn jarenlange ervaring in het onderwijs heb ik inmiddels meer ruimte dan in het begin om me bezig te houden met het leerproces van mijn leerlingen,” vertelt Petra. “Het is interessant om te begrijpen hoe jongeren leren. Ik vraag me ook regelmatig af waarom leerlingen in mijn les zouden moeten zitten. Ik wil iets toevoegen aan hun leven door mijn lessen Nederlands relevant te maken voor ze. Daarvoor moet ik ze natuurlijk wel kennen. Het is mijn ervaring dat ik de verbinding steeds weer moet uitvinden en daarvoor open moet blijven staan. En dat wil ik ook aan mijn studenten meegeven.”